Supermoeder – fragment uit een kort verhaal

Toen ik drie jaar was, besloten mijn ouders te verhuizen naar het opgeruimde dorp. Een plek ‘waar kinderen nog kunnen buiten spelen’, zoals mijn moeder nu nog steeds zegt. De beslissing om te verhuizen was een moeilijke voor haar, al werd hij zonder twijfel gemaakt. Ze vond het niet fijn om weg te gaan uit de jaren ’50 woning in haar drukke straat. Of het leven dat erbij hoorde. Mijn moeder was een druk bezette vrouw met een beste baan, veel sociale contacten en met liefde voor de lucht van de stad. Mijn vader zei dat de lucht in de stad rook naar vuilverbranding. Dat is geen lucht voor kinderen; geen lucht voor zijn dochter. En zijn dochter verdiende het om te wonen op een plek waar ze gewoon kon buiten spelen, hij was de eerste die het had gezegd.

Dus haalde mijn moeder diep adem en besluit te verhuizen. Want ja, wat voor moeder laat haar kind groot worden op een plek waar haar longetjes zwart worden en ze geen speelplaatsen hebben? We gingen. Schone lucht en zeeën aan speelplaatsen tegemoet. We ruilden ons authentieke huis voor een uit de grond gestampte eengezinswoning en onze levendige straat voor een bos dat begon in de achtertuin. Mijn moeder transformeerde. Zonder mokken, zonder klagen. Ze veranderde in een supermoeder. Zo’n moeder die elke ochtend de ontbijttafel dekte. Na het ontbijt liep ze me met de hond naar school.Ze haalde me ook weer op: elke middag zocht ik haar hoofd tussen de hoofden van de andere supermoeders. Het dorp bestond alleen maar uit supermoeders. Niet omdat ze allemaal hun leven in de stad hadden opgegeven voor hun kinderen, nee, deze vrouwen behoorden niet te werken. Dat gebeurde hier niet, het waren geboren moeders. Misschien dat ze daarom extra haar best deed: het kwam haar in eerste instantie niet van nature: het zorgen, het regelen, het moederen. Al gauw leek het alsof het nooit anders geweest was. Ik zong en deed aan toneel, mijn vader zat bij de plaatselijke biljartvereniging. Zij regelde alles tot in de puntjes; iedereen kwam op tijd op een training, les, toernooi of optreden. Ondertussen blonk het huis, was er altijd gezond eten, hoefde ik nooit de hond uit te laten en zat ze op de eerste rij van elk evenement. Ik moest minstens vier keer per dag mijn tanden poetsen zij poetste mee. Ze werd de beste in het vak.

Achteraf gezien, is het hier denk ik begonnen. En dat alleen maar omdat ze wilde dat ik kon buiten spelen. Net alsof je in de stad niet buiten kunt spelen. Nu ik in de stad studeer, zie ik overal kinderen buiten spelen. Het ruikt hier ook helemaal niet naar vuilverbranding trouwens.